dinsdag 29 september 2009

Tottori - dag 2

De dagen lijken steeds sneller en sneller voorbij te gaan en dus is het tijd om mijn verhaal af te maken nu ik nog daadwerkelijk in Japan ben. Oftewel, tijd voor Tottori dag 2!

Dag 2 stond ik redelijk vroeg op, want ik wilde naar een plaatsje 3 uur met de trein richting het westen en onderweg ook nog eens een tussenstop maken.

Mijn eerste uitstaphalte was Daisenguchi, waar al gauw duidelijk was dat ik niet meer in toeristisch, of zelfs echt bewoond, gebied was, want ik was de enige die er uitstapte. Daisen is DE berg van de streek, hoewel ie buiten de streek volgens mij niet erg bekend is. Vandaag zou in het thema van Youkai, oftewel wezen uit Japanse folklore/volksverhalen, staan en ik kon hier alvast beginnen. In Daisen zouden Karasu-tengu wonen of gewoond hebben en er zou volgens een lokaal reisfoldertje dat ik had een park moeten zijn met een beeld van zo'n tengu. Het bijbehorende kaartje stelde niks voor, maar ik had het idee dat als ik de grote weg vanaf het station zou volgen ik er wel zou komen. Dat was ook zo. Het kostte alleen drie kwartier! Het zou het begin van veel tijdverspilling worden.

Het beeld zelf vond ik alsnog de moeite waard; het was veel groter dan ik had verwacht (9 meter zonder en bijna 11 met voetstuk) en het feit dat er verder helemaal geen andere toeristen waren maakte het extra leuk.


Vervolgens zou ik met de bus naar de Daisen tempel gaan. De bushalte had echter geen vertrektijdenschema, dus ik wachtte maar gewoon geduldig. Er was echter tijdens de wandeltocht ook nooit een bus langsgekomen, dus ik vroeg me af of er wel een zou komen. Ik keek dus maar naar het schema aan de overkant en volgens dat schema reden de bussen om de 1 uur en 50 minuten! Ik maakte me al genoeg zorgen over het op tijd aankomen bij m'n echte bestemming van de dag, dus ik besloot maar terug te lopen...

...toen de bus er aan kwam!

Nou vooruit, dan toch maar naar de tempel. Het was maar 20 kilometer dus lang zou dat toch niet mogen duren, dacht ik. Ik heb echter nog nooit een bus zoveel bochten zien maken, ongeveer zoiets als: de eerste zijstraat rechts, dan de tweede links, de eerste links en de tweede weer rechts. Eindeloos herhaald.

Weer een uur verder waren we er dan. Er was een redelijk grote parkeerplaats en er bleken ook bussen van en naar andere, grotere, stations te gaan. Het eerste wat ik deed was de tijden van de volgende bus uitzoeken en tot mijn blije verrassing bleken er bussen te gaan naar Yonago, de plaats waar ik, als ik eerst met de trein verder zou gaan, toch zou moeten overstappen. Ik kon dus weer wat verloren tijd terugwinnen.

Eerst even snel naar de tempel natuurlijk. Niet spectaculair, maar alsnog wel aardig om gezien te hebben. Ik heb de tempel bel kunnen laten klinken, en dat toch wel leuk en maakte het nog wel enigszins de moeite en tijd waard.


Niet zoveel tijd echter, om m'n volgende bestemming mis te lopen en dus ging ik met de bus (die wonder boven wonder klaarstond en binnen 5 minuten vertrok) naar Yonago, en van daaruit met de trein naar Sakaiminato, geboortestad van een mangaschrijver/-tekenaar die youkai bekend heeft gemaakt bij de Japanners van tegenwoordig door middel van zijn manga Hakaba Kitaro/Gegege no Kitaro. Nu heb ik niet eens zoveel interesse in de manga, maar wel in de Youkai, en een straat in Sakaiminato die aan hem geweidt is zou volstaan met Youkai beeldjes, en die wilde ik graag zien.

Op het Yonago station was al gauw duidelijk welk perron ik moest hebben.


Vervolgens was ik er dan rond kwart voor vier, slechts drie kwartier later dan gepland, en had ik tot zonsondergang de tijd om foto's te maken van een groot aantal van de beeldjes. In totaal waren er meer dan 130, maar ik heb de foto's maar beperkt tot de meest interessante of bij mij meest bekende.


Elk beeld had een barcodesticker waar je een foto van kon maken met de mobiele telefoon en vervolgens kreeg je informatie over het specifieke wezen. Naast de beeldjes waren er een Youkai schrijn, stelde niet zoveel voor, en een museumpje waar ik niet in ben geweest. En natuurlijk heel veel souvenirwinkels!

Met de ondergang van de zon ging ik weer terug naar het station, mij klaarmakend voor een 3 uur durende treinreis. Gelukkig volgden de treinen een beter schema dan de bussen in de omgeving en was ik tegen tienen weer in Tottori-stad.

Daar deed ik nog een kleine poging weer een interessant restaurantje te vinden, maar uiteindelijk ging ik maar voor yakitori (een soort kipsate zonder satesaus in allerlei varianten) en daarna was het wel weer mooi geweest.

zaterdag 26 september 2009

Tottori - dag 1

Van dinsdag t/m donderdag was ik in de Tottori provincie, mijn laatste reisje binnen Japan voor de grote reis terug naar Nederland.

Ik wilde eigenlijk in de laatste twee maanden nog naar Tottori EN Okinawa, maar gezien de tijd die ik nog over had besloot ik voor de wat uitzonderlijke Tottori-optie te gaan. Aanvankelijk was ik van plan met de bus te gaan, omdat ik dacht dat dat goedkoper was, maar dan ben je 10 uur onderweg en uiteindelijk bleek vliegen niet veel duurder, of zelfs goedkoper. Voor iets meer dan 250 euro had ik een retourtje en een hotelkamer voor twee nachten.

Ik vloog om 6:50 (gaaap) en was om 8:00 op het Tottori vliegveld, een heel klein vliegveldje dat niet veel andere vluchten leek te verzorgen dan die van en naar Tokyo.

Aangezien ik me pas om 14:00 kon inchecken bij het hotel, ging ik rechtstreeks naar de nummer 1 attractie en de hoofdreden om naar Tottori te gaan: de duinen. Het verschil met de duinen in Nederland is dat ze behoorlijk hoog waren en weinig tot geen begroeiing hadden, waardoor het meer op een woestijn dan een duinlandschap leek. Behalve dan dat er in de woestijn waarschijnlijk niet zoveel toeristen rondlopen. De Japanners hadden in deze periode ook vakantie en dus moest er natuurlijk gereisd worden, en dus was het druk! De meeste mensen gingen echter rechtstreeks voor de grootste duin, dus ging ik naar de kleinere waar het best rustig was.

(links, rustig, rechts, druk)

Vervolgens stormde ik daarvan af richting de zee, ondertussen mijn zonnebril, die in m'n zak zat, verliezend en liep een stuk langs de kust. Op een gegeven moment kwam ik erachter dat ik m'n zonnebril kwijt was en moest ik gaan zoeken. Het was weer een klim de duin op, maar ik hem 'm weer gevonden.

(reconstructie; is mogelijk niet op deze manier aangetroffen)

Het 'woestijnlandschap' leek niet zo uitgestrekt als het was, 16km lang en 2km diep, en ik had er misschien iets meer van verwacht, maar het was toch wel bijzonder. In de buurt van de duinen was er een zandsculpturenmuseum waar ik even in ben geweest. Sommige sculpturen waren behoorlijk indrukwekkend.

(kathedraal in Wenen)

Inmiddels liep het tegen enen en dat betekende dat als ik naar de stad terug zou gaan ik rond inchecktijd zou aankomen bij het hotel. In de bus zaten de enige Westerse mensen die ik deze gehele 3 dagen zien, zij zaten overigens ook in hetzelfde vliegtuig en dezelfde bus richting de duinen. Gelukkig was ik na dit tripje van ze af :)

Ik kwam voor tweeen aan bij het hotel, waar men zeer strikt was, dus ik kon niet voor twee uur naar mijn kamer. Aangezien ik uitgeput was van de reis, 2 uur door het zand lopen en gewoon erg kort slapen, ging ik, na gedoucht te hebben, even twee uur uitrusten. Daarna ging ik met behulp van een kaartje van het hotel/vliegveld (weet niet meer welke van de twee, ik heb een hoop foldertjes en kaartjes verzameld in deze drie dagen) op zoek naar een tempel, niet zozeer omdat ik daar zo graag heen wilde, maar meer omdat ik geen tijd overhad voor een echte tocht ergens heen en het nog te vroeg was voor het avondeten. Het was een vreemde kaart waarop de wegen niet helemaal doorliepen tot aan de tempel, dus op een gegeven moment ging ik maar op m'n gevoel af. Dat was niet voldoende, en ik kon de tempel niet vinden, maar ik zag iets wat op hele dikke mist leek en dus ging ik die kant op om misschien nog een mooie foto te kunnen maken. Het was geen rook, dacht ik, want het leek geheel stil te hangen, maar toen ik dichterbij kwam bleek het toch rook te zijn, die achter de muren van een mysterieuze schrijn vandaan kwam. Er was verder niemand, op een man geheel in het wit gekleed, en in een hand een netje met onduidelijke ronde dingen, na. Ohhh, griezelig! :)


Vervolgens ging ik verder met de zoektocht naar de tempel, wederom zonder succes, en kwam ik bij een andere tempel uit. Toen was het wel weer mooi geweest! Het werd inmiddels donker en ik ging maar eens op zoek naar een plek om te eten!

Ik had een visrestaurant uitgekozen dat ik een van de onderweg verzamelde brochures stond, aangezien Tottori redelijk goed bekend staat om z'n vis, en met name de witte inktvis (jaja, ik weet dat dat geen echte vis is) en de nodoguro. Het was geen goedkoop restaurant, maar alles was supervers (sommige vissen kwamen rechtstreeks uit de vistank) en bijzonder smakelijk. De bediening werd voornamelijk gedaan door een wat oudere dame in kimono die erg behulpzaam was bij de selectie. Uiteindelijk ging ik niet bepaald voor de goedkoopste gerechten en was ik zo'n 55 euro kwijt, maar het was zeker de moeite waard. 55 euro lijkt misschien niet zo heel veel voor een Nederlandse restaurantbegrippen, maar vergeet niet dat je in Japan een behoorlijk uitgebreide maaltijd kunt krijgen voor 25 euro.

(nodoguro, 1800yen)

Na het eten ging ik terug naar het hotel, keek er even wat televisie en ging vervolgens naar bed. De volgende dag wilde ik weer vroeg op pad want ik had een lange reis voor de boeg.

Maar dat is voor de volgende blog :)

vrijdag 25 september 2009

Van alles, nogwat en Atami

Aaaargh, ik loop nogal achter met m'n weblog. Ik was van plan onderstaand bericht te plaatsen voor m'n reis naar Tottori van dinsdag t/m donderdag, maar het was nog niet af dus het kwam er niet van. Bij deze alsnog het verhaal en het verhaal van de afgelopen dagen volgt spoedig :)

Van alles
Inmiddels vliegen de dagen echt voorbij. Over minder dan twee weken zit ik alweer in Nederland! Jammer aan de ene kant, maar het feit dat ik een hoop mensen na een jaar weer kan zien is ook wel weer een leuke gedachte.

Ik ben alvast begonnen met het opruimen en sorteren van spullen: wat gaat er mee, wat stuur ik op, wat gooi ik weg en wat geef ik weg of verkoop ik. Mijn fiets gaat naar Hide, en sommige spullen kan ik bij Ruri kwijt. Boeken en manga gaan in de verkoop en sommige spullen ga ik proberen te slijten bij de voormalige huisgenoten. Daarnaast ben ik begonnen met het nemen van foto's van plekken waar ik het afgelopen jaar regelmatig ben gekomen, en van mensen die ik regelmatig heb gezien.

Dit alles geeft het gevoel dat het er toch echt bijna opzit, een beetje een treurig gevoel, maar aan de andere kant kan ik het nog nauwelijks geloven, en dat maakt weer dat het niet al te dichtbij lijkt.

Sinds afgelopen vrijdag ben ik geen Japans student meer. De laatste 1,5 week heb ik vrij, om nog wat leuke dingen te doen, en natuurlijk een hoop nuttige. Ook bij het vertrek had ik weer gemengde gevoelens. Aan de ene kant was het wel jammer, maar aan de andere kant vind ik een jaar studeren ook wel weer genoeg. Ik had vanmorgen nog 1 Engelse les en volgende week, als het goed is, nog 3. Ik kan tot het laatste moment wel de centen gebruiken ;)

Nogwat
Anderhalve week geleden was ik met Shane, de Ierse schoolgenoot, naar Butlers, een restaurant in Shibuya. Butlers is het restaurant waar ik 3 jaar geleden was aangenomen voordat het uberhaupt geopend was, heb geholpen met de voorbereidingen en uiteindelijk slechts 1 dag heb gewerkt, omdat ik verder moest reizen. Het was toentertijd een restaurant bedoeld voor Engelse conversatie, maar is inmiddels veranderd in een soort 'gij zijt onze princes en wij zijn hier om u te dienen' achtige plek (de meeste klanten zijn vrouw), en dat is de reden waarom ik dit hele jaar niet ben langsgeweest.
Shane had echter geld nodig, en aangezien werken bij Butlers 3 van zijn interesses bevat (geld, Japans oefenen en met Japanse meisjes/vrouwen praten), ben ik met hem daarnaartoe geweest om hem te introduceren. Terwijl hij papierwerk aan het invullen was kon ik even bijpraten met de eigenares, die altijd als ik langskom zegt dat ik ben afgevallen, en daarna gingen we er weer gauw vandoor om ergens anders te gaan eten :)

Ik weet niet of ie inmiddels van Butlers heeft gehoord of ie is aangenomen, maar ze zijn daar niet zo vlot, dus het kan zijn dat ie 't nog niet weet.

Atami
Afgelopen vrijdag en zaterdag was ik met Ruri naar Atami, een kustplaatsje redelijk in de buurt van Tokyo. We verbleven er in een wat oude, maar wel schone, ryokan met onsen (natuurlijke warmwaterbaden). Een ryokan is een Japanse stijl hotel, oftewel slapen op de grond, en vaak met uitgebreid ontbijt en diner, wat op de kamer wordt bezorgd.

En met uitgebreid bedoel ik ook echt uitgebreid!

(Dit was minder dan de helft)

(De kamer)

Er waren vijf baden, waarvan er 4 openbaar waren -2 binnen en 2 buiten- en 1 prive. Voor het privebad moest extra betaald worden, maar dan had je wel een behoorlijk grote ruimte tot je beschikking. En een veel te heet bad. Wij schatten het op 45 graden! Daar moest dus een hoop koud water bij voordat we er daadwerkelijk in konden :)


Ook de kamer was enorm en evenals het eten werd ook de futon door het personeel klaargelegd, dus zelf hoefden we niets te doen.
We gingen nog even in yukata (een zomerse variant van de kimono, en vaste kost als je naar een ryokan gaat) naar buiten, wat Ruri niet zo heel geslaagd vond totdat bleek dat we niet de enigen waren die dat deden.

De volgende dag gingen we na het uitchecken naar de enige attractie van de omgeving, naast het strand: het 'Adult Museum', wat niet bepaald erotisch, maar wel amusant was. Daarna aten we kaisendon, een collectie van vis en schelpdieren op rijst en daarna was het tijd om weer naar huis te gaan.

Vervolgens had ik twee dagen de tijd om me voor te bereiden op het volgende reisje, maar dat is voor een volgende blog.

vrijdag 4 september 2009

Resultaat JLPT

Afgelopen dinsdag ging ik even langs mijn oude guest house om te kijken of er post was van de telefoonmaatschappij. Ik had sinds de verhuizing geen rekeningen meer van ze ontvangen en ondanks dat ik de verhuizing had doorgegeven dacht ik dat ze wellicht toch de rekening naar het oude adres hadden gestuurd.

Eenmaal daar aangekomen bleek dat er geen post van ze was. In plaats daarvan lag er wel een ander bericht: de uitslag van de Japanese Language Proficiency Test!! Spannend!

Om het verhaal niet verder uit te rekken dan nodig is: ik ben geslaagd!

Met betere cijfers dan verwacht zelfs:
Kanji/vocabulaire: 78/100 (naar verwachting)
Luistervaardigheid: 78/100 (beneden verwachting, ik dacht rond de 90%)
Leesvaardigheid: 138/200 (ver boven verwachting, ik dacht max. 40~50%)

Al met al ongeveer een 7,4 dus en een mooie manier om het jaar in Japan af te sluiten. Ik ben nog niet thuis, maar het begint wel op te schieten en een niveau 2 certificaat in de hand geeft het idee dat in dit jaar echt verbeterd is. Nu proberen het een beetje op pijl te houden wanneer ik weer terug ben in NL!

vrijdag 28 augustus 2009

Met de nihonshu in de hand dragen we de omikoshi door het hele land

Augustus is festivalmaand in Japan en afgelopen zondag was het dan zover: ik kon meedoen aan een Japans festival! Dat was mogelijk dankzij Take-chan, de eigenaar van het kleine restaurantje waar ik zo nu en dan eens kom. Hij organiseerde (mede?) het evenement en dat is precies het type persoon dat je moet kennen om te kunnen participeren.

Bij deze een (uitgebreide!) beschrijving van de dag.

Die begon met een goed ontbijt! Er zou veel gedronken gaan worden en daar wilde ik me goed op voorbereiden. Drank is een essentieel onderdeel van de Japanse festivals, maar dat wordt in de loop van het verhaal wel duidelijk :)

Om 10:00 werd er verzameld in het restaurant van Take-chan. Er waren twee festival-veteranen aanwezig toen ik aankwam, en spoedig kwamen er nog twee andere nieuwelingen, een Japanner en een Amerikaan. Wij (de nieuwkomers) werden aangekleed (ik kan het niet anders zeggen) in de festivalkledij, welke we konden lenen. Een onderdeel van de outfit was de fundoshi (een soort lendendoek) en die moest worden omgedaan door Take-chan of een van de veteranen, wat een beetje hulpeloos aanvoelde. De rest van de outfit bestond uit een overhemdachtig shirt, een happi -een soort festivaljas- die dichtgebonden werd met een obi en tenslotte jika-tabi aan de voeten.

(everybody happi!)

Toen dat eenmaal achter de rug was, was het tijd voor een biertje en daarna gingen we naar de schrijn in Nozawa, de wijk waar ik sinds 3 weken woon. Tot 3 weken geleden woonde ik in Kamiuma, wat direct naast Nozawa ligt, maar ik moet zeggen dat het toch leuker is om aan het Nozawa-festival mee te doen als je er ook echt woont.

Rondom de schrijn waren de voorbereidingen in volle gang. Zoals het een Japans festival betaamt waren er een hoop yatai (eet-/drink-/spelletjestentjes) die werden opgezet. Het was leuk om te zien hoe de straten eruit zien als nog niet alles klaar is. Het festival zou beginnen om 12:00, dus we hadden nog even de tijd om verder met elkaar kennis te maken, gratis wat te eten en naar de mensen te kijken die met de voorbereidingen bezigwaren.

Om 12:00 verzamelden alle participerende groepen zich om de omikoshi (draagbare (Shinto-) schrijn) die spoedig daarna door de straten zou worden gedragen. Een aantal belangrijke figuren uit de wijk spraken een woordje vooraf en intussen werden er bekertjes uitgedeeld. We hadden immers al bijna een uur geen alcohol meer gedronken en dat kon natuurlijk niet. Na de bekertjes volgde de nihonshu (wat wij sake noemen) en werd er geproost op een goed verloop van het festival.

Daarna namen de dragers van de omikoshi, waar ik er een van was, plaats langs de balken die de omikoshi ondersteunden en na een soort klapritueel (driemaal 3 keer klappen en dan nog eenmaal) tilden we het ding op door de een van de balken op een van de schouders te laten steunen. Er waren vier balken, lopend van voren naar achteren en er was plaats voor ongeveer 30 man. 30 klinkt misschien veel, maar aangezien het geheel zo'n 400~500 kilo woog, wat dat kan overbodige luxe. 450/30=15 kilo per persoon, wat ook weer niet zo heel veel klinkt, maar als de balk keer op keer van een hoogte van een paar millimeter tot 10 centimeter op je schouder terechtkomt, dan ga je dat na een tijdje wel voelen. Zeker als het festival de hele dag duurt! De omikoshi wordt niet rustig op eenzelfde tempo en niveau verplaatst, maar wordt in plaats daarvan behoorlijk heen en weer (en vooral op en neer) gehost. De truc was om je schouder altijd contact te laten hebben met de balk, maar als een langer persoon voor of achter je plaatsnaam of men ging ineens druk tekeer, dan kon de balk wel met een behoorlijk klap op je schouderspieren of sleutelbeen terechtkomen.


Er was gelukkig de mogelijkheid te wisselen met anderen die met de omikoshi meeliepen, gewoon door van het ding weg te lopen of iemand een hint te geven dat ie de taak van je moet overnemen. Dat was in het begin, toen iedereen nog fit was, niet zo'n probleem, maar tegen het einde had iedereen pijnlijke schouders en werd het wat moeilijker.

Gelukkig was er de nihonshu om de spirit op peil te houden! Na elke 30~40 minuten omikoshi dragen was er een pauze van 20~30 minuten, waarin gegeten, maar vooral gedronken werd. De drankkeuze was als volgt: nihonshu, nihonshu met ijs, nihonshu met Oolong-thee en zowaar ook nog wat water. Eten varieerde van onigiri (een soort rijst-'balletjes', vaak in de vorm van een driehoek, met verschillende soorten vulling en nori -zeewier- eromheen), watermeloen, ijs, en ook nog een aardig avondeten.

De gehele tocht vond plaats binnen de wijk Nozawa en de route die werd gevolgd was die van een klein karretje van waaruit door een klein groepje muzikanten traditionele festivalmuziek werd gespeeld. Naast de muziek werden we ook geleid door een 'voorganger' met een fluitje. Er werd het soepelst gelopen als je stappen nam op de maat van het gefluit en daarnaast riepen de dragers op het moment van het gefluit of juist tijdens de stilte ertussenin 'sore!' of 'heya!' of iets anders in dezelfde trant. Het was leuk om, als het een beetje stil was geworden, zelf een van de uitroepen in de groep te gooien waarna het door anderen ook werd opgepakt.


(de kwaliteit van de foto's is niet erg hoog, aangezien ze met de mobiele telefoon zijn genomen...)

Soms kwamen we langs andere heilige punten (denk ik) waar even werd gestopt, de omikoshi verder de lucht in werd getild, en vervolgens door iedereen op de balken werd getrommeld. Hoewel het boven het hoofd houden van het ding redelijk zwaar was, was het eigenlijk steeds wel prettig, omdat de schouders heel even rust werd gegund.

Het belangrijkste moment van de tocht was de terugkomst bij de schrijn. Ik wilde zeker deel uitmaken van het laatste gedeelte, en sloeg dus ruim van te voren alvast weer aan het tillen. De schouders, benen en tenen moesten het nog even volhouden. Tegen de tijd dat we bij de tempel aankwamen, wilden een hoop mensen nog even aan het laatste gedeelte meedoen, wat resulteerde in dat iedereen enorm op elkaar werd gepropt. Vervolgens werd er nog even met de omikoshi op de schouders rondgehost, waarna gepoogd werd het netjes op een bepaalde plek te 'parkeren'. Dat moest blijkbaar heel nauwkeurig gebeuren, want het moest keer op keer over. Oftewel naar voren, weer naar achteren, naar voren, etc... In het begin leek het met opzet te zijn, om de terugkomst nog even wat langer te vieren, maar na een keer of 7, 8 werd het toch wat veel. Het zweet gutste, ondanks de hoofdband die ik omhad, over m'n gezicht, zodat zelfs kijken niet eenvoudig meer was, maar uiteindelijk was het dan toch gelukt!

Er werd geapplaudisseerd en een dankwoordje gesproken en daarna was het tijd om... te drinken! Er waren in de buurt van de schrijn lange, lage tafels neergezet waaraan men per groep ging zitten en kon eten, drinken en kletsen. Take-chan liet nog even zijn donkere kant zien toen iemand die we niet kenden aan onze tafel kwam zitten zonder zich voor te stellen. Dat viel niet bepaald goed, maar hij had gauw z'n goede humeur weer terug.

Om het met de groep nog even verder te vieren gingen we naar Take-chan's restaurant en daarna ging ik met twee Japanners en de Amerikaan ergens anders nog een klein beetje eten en drinken. Vervolgens was het toch echt tijd om er een einde aan te breien en ging ik naar huis.

De spierpijn heeft 3 a 4 dagen nodig gehad om te verdwijnen, maar de hele ervaring was zeker de moeite en spierpijn waard!


IN HET KORT:

Verder ben ik afgelopen weekend met een klasgenoot, mijn docente en haar man en nog een voormalig schoolgenoot wezen eten bij het Russische restaurant van weer een andere voormalig studente van mijn docente. Russisch eten zat zeker niet bovenaan mijn favoriete etenstypen komen te staan, maar het was alsnog erg lekker.
Vrijdag heb ik eindelijk een (polarisatie) filter voor m'n camera gekocht, iets wat ik al een half jaar van plan was.
Ik heb het nog niet echt gebruikt, maar ben blij dat ik het eindelijk heb gedaan.
(met filter - zonder filter)

Verder heb ik afgelopen dinsdag een aantal boeken in het Japans gekocht; een 'enge verhalen'-boek om te lezen op school tijdens de kanji lessen (ik ben de enige student, dus ik kan zelf bepalen wat we doen), een Yokai (Japanse bovennatuurlijke wezens) encyclopedie en een Yakuza-lingo boek.

Al met al waren het goedgevulde dagen. Moet ook wel, want ik heb niet zo veel tijd meer over in Japan. Vanaf vandaag nog vijf weken!! Die tijd ga ik proberen zo goed mogelijk te benutten, dus verwacht nog meer avonturen binnenkort!

woensdag 19 augustus 2009

Fietsen in Kanagawa

Bij deze deel 2 van de zomervakantie verhalen: de fietstocht.

Ik was van plan 3 dagen door de Kanagawa provincie te fietsen zonder van te voren een specifieke route vast te leggen en gewoon te zien waar ik uit zou komen. Het idee was dat als je geen doel hebt je ook niet kunt verdwalen.

Desondanks had ik toch van te voren een aantal locaties uitgezocht die mogelijk wel interessant zouden kunnen zijn, om te voorkomen dat ik 3 dagen fiets, en allerlei interessante plaatsen NET niet ben tegengekomen omdat ik er niet vanaf wist.

Helaas bleek al gauw dat Japan geen fietsland is en een aantal van de plannen dus niet mogelijk was. Als je in Japan een beetje van de natuur wil genieten, dan zit je aan kleine weggetjes vast, die vaak niet langer dan 100 meter lang zijn voordat je weer af moet slaan, een andere richting op. Op zich heel interessant, maar naast een en ander te zien krijgen wilde ik ook 60 kilometer per dag afleggen en die twee dingen gingen dus niet echt samen. Als je op wilt schieten zit je automatisch aan autowegen vast, niet erg spannend dus. Desondanks was het leuk om te ervaren hoe het is om een langere fietstocht te maken in Japan en op plaatsen te komen waar de gemiddelde toerist gewoonlijk niet komt.

Ik kan pogen de hele route te beschrijven, maar in plaats daarvan geef ik de volgende link (copy+paste):
http://maps.google.com/maps/ms?ie=UTF8&hl=en&msa=0&msid=108291350218032096212.00047110abe369c3fee51&z=11

Hierop staat min of meer de genomen route. Start- en eindpunt bevinden zich rechtsboven. De blauwe punten beschrijven enigszins wat er onderweg is gebeurd.

Ik was van plan veel meer naar het westen te gaan, richting de bergen, maar aangezien het moeilijk was een begaanbare route erheen te vinden, gaf ik dat plan op. Dat betekende dat ik ongeveer 40 kilometer 'uitspaarde' en dus besloot ik aan het begin van dag 2 maar gewoon diezelfde dag nog naar huis te gaan, in plaats van een kilometer of 30 van huis vandaan nog in een hotel te gaan zitten. Uiteindelijk is het dus een tweedaagse fietstocht geworden, van toch nog ongeveer 150 kilometer totaal (laat de afstanden op de bovengenoemde kaart geen indicatie zijn, aangezien de 'echte' weg niet zo simpel was als aangegeven op de kaart.

Eindpunt van dag 1 was Enoshima, een eilandje dat met een brug aan het vasteland vastzit.


Het strand aan de vasteland-kant was voornamelijk bevolkt door surfers en goedgebruine, licht geblondeerde, hippe Tokyo-bewoners. Het type dat 's winters dezelfde huidskleur verkrijgt dankzij een veelgebruikt abonnement bij de zonnebankstudio.

Dat nam verder niet weg dat het een heel aardig strand was, met strandtenten met drinken, eten en muziek, en een boulevard. Ik kwam er 's avonds aan dus kon de zonsondergang nog meemaken.


Omdat het moeilijk was een redelijk hotel/ryoukan te vinden in de omgeving van het strand, ging ik naar een stadje ten noorden ervan (met de trein, ik had wel genoeg gefietst), Fujisawa. De volgende ochtend ging ik weer terug naar Enoshima, om daadwerkelijk het eiland zelf te bekijken. Het eerste straatjes bestond voornamelijk uit souvenierwinkeltjes. Gauw daarna moest er een hoop trappen beklommen worden, af en toe onderbroken door een stukje vlak land met een tempel erop, en vervolgens moest er een hoop trappen afgedaald worden om aan de andere kant van het eilandje te komen. Daar waar de omgeving van de 'voorkant' van het eiland voornamelijk werd bevolkt door hipsters en surfers, zo was de 'achterkant' voormalijk voor de vissers.


Naast tempels was er een grot waar je inkon en natuurlijk nog meer souvenierwinkels. Ik heb nog even overwogen er Enoshima bier te kopen, maar aangezien het nog te vroeg was om het op te drinken en te zwaar om mee te nemen, heb ik het maar gelaten voor wat het was.

Na Enoshima was het dan toch tijd om weer op de fiets te stappen en ik ging langs de kust naar Morito, een strand dat was aangeraden door een van mijn Engels studenten. Daar heb ik even gepauzeerd en gezwommen.


Daarna was de pret voorbij en heb ik de rest van de dag, op een pauze van 45 minuten na, gefietst. Ik ben zelden zo blij geweest weer in mijn eigen huis te zijn. Ik was behoorlijk bezweet en verbrand, dus eerst was het tijd voor een lauw bad, en daarna moest ik echt wat eten. Ik had veel gedronken die dag, maar ik had weinig trek in eten gehad, dus het lichaam kon inmiddels wel wat gebruiken!

Al met al vond ik de reis, ondanks een hoop tegenvallers, de hitte, en de niet altijd even spannende begaande wegen, toch best geslaagd. Ik ben weer een ervaring rijker, ben op een aantal plaatsten geweest waar ik nog niet was geweest, heb iets kunnen doen wat je in principe alleen kunt doen als je hier voor langere tijd zit en ben meer op de hoogte van de do's & don't voor een eventuele volgende fietstocht. Bijvoorbeeld dat 80+ km teveel is voor 1 dag en dat het midden in de zomer voor een lange tocht toch net iets te warm is.

Volgende blog: Bhim doet mee aan een Japans festival!

vrijdag 14 augustus 2009

Van alles en nogwat

Als ik zo nu en dan eens mijn eigen weblog lees, dan denk ik 'wat heb ik eigenlijk veel gedaan in een korte tijd'. Hetzelfde geldt voor de afgelopen 2 weken. Teveel eigenlijk, en daarom vertel ik de verhalen weer in twee delen.

Huis
Ik woon nu bijna 3 weken in het nieuwe huisje en het bevalt nog steeds prima. Het enige nadeel is misschien minder aanspraak, maar verder zijn de privacy, het altijd beschikbaar zijn van toilet/douche/keuken/kookgerei/etc en de stilte heerlijk. Oh, en laten we de airco niet vergeten!
Verder valt er niet veel te vertellen over het huisje eigenlijk. Ik heb een klein kastje voor in de gang gekocht waar ik m'n kookgerei in kwijt kan en het fungeert gelijk als aanrecht, want dat zit niet in het huisje ingebouwd (alleen een kookplaat en een wasbak). Verdere dingen heb ik denk ik niet nodig :)

Eten met de ex-huisgenoten
Een van mijn voormalige huisgenoten zou misschien wel/misschien niet afgelopen dinsdag teruggaan naar Portugal en dus was er een klein 'afscheids'-feestje. Of ie uiteindelijk toch hier is gebleven weet ik niet, vandaar de aanhalingstekens.
Het was leuk iedereen weer even te spreken en het eerder genoemde 'minder aanspraak'-nadeel van in een eigen huisje wonen wordt daarmee ook zo goed als teniet gedaan. Ik kan immers daar binnenlopen wanneer ik wil.

Shinjuku Loft
Hide heeft het al maanden over het grote Hagakure One (de naam van zijn band) evenement dat hij aan het organiseren was. Eind vorige maand was het dan eindelijk zover. Het evenement vond plaats in Shinjuku Loft en ik had Susan, mijn Nepalese klasgenoot, uitgenodigd om mee te gaan en die had vervolgens nog twee collega's van zijn part time baan meegenomen. Het evenement was van 23:30 tot 5:00. Wij waren er vanaf 1:00 tot het eind.

Er waren iets van 5 bands die speelden en de tijd daartussen werd opgevuld door DJ's. De vorm van de zaal was als die van een zandloper, oftewel een breed gedeelte -waar werd gespeeld- gevolgd door een smal gedeelte -waar de ingang en de bar waren- en uiteindelijk een lounge-gedeelte -waar je de muziek nog prima kon horen, maar waar je ook met elkaar kon praten.

Omdat ik eerder bij optredens van Hide was geweest, kende ik een redelijk aantal mensen, dus er viel genoeg te babbelen in het Japans. Naast bandleden waren er ook Hide's vriendin en een van m'n Engels studenten. En natuurlijk Susan & co.

Sea paradise
Afgelopen maandag (het is zomervakantie!) gingen Ruri en ik naar Yokohama/Hakkeishima Sea Paradise, een soort watergeoriƫnteerd themapark. In principe kun je zonder een kaartje te kopen het terrein op, maar vervolgens kun je nergens in. Wij hadden een dagkaart, zodat je in 1 keer voor alle attracties betaalt (behalve misschien de achtbaan, maar daar zijn we niet in geweest).

Er was een aquarium met, volgens de website, meer verschillende soorten vissen dan elk ander aquarium in Japan. In een van de aquaria zat 's werelds grootste krabsoort, die, van poot tot poot, 3 meter breed kan zijn. Helaas waren de krabben in het aquarium dat niet, maar ze waren nog steeds best groot. Een ander aquarium zat vol met sardines. Er was zelfs een sardineshow waarbij de hele school bepaalde richtingen op zwom, ik neem aan door verschillende waterstromen. Het glimmen van de vissen maakt het best spectaculair.

Verder waren er een dolfijnen/zeeleeuwen/etc -show en heeeeel veel souvenirwinkeltjes. Die nacht verbleven we in een hotel enigszins in de buurt en de volgende dag gingen we nog even naar een locale, gratis dierentuin, voordat we weer terug naar huis gingen.






Earthquake bonanza
Het is een hele tijd aardbevingloos geweest, maar deze week kwam daar verandering in.
Zowel afgelopen zondagavond als dinsdagochtend vroeg was er een behoorlijke aardbeving. Beiden van ongeveer 6,9, maar beiden ten zuidwesten van Tokyo, dus minder sterk op de plaatsen waar ik was.

Die van zondag was alsnog iets van 3,0 waar ik was, in mijn voormalige guest house, maar omdat we op de begane grond waren, en alle flessen e.d. in de kasten gewoon bleven staan, was het eigenlijk meer spannend dan verontrustend.

De aardbeving van dinsdagochtend was een ander verhaal. Ten eerste zaten we (Ruri en ik) dichter in de buurt van de aardbeving en was ie dus sterker (4,0). Ten tweede zaten we op de 5de verdieping van een hotel, wat het wiebelen nog iets versterkte (in vergelijking met de begane grond) en het eventueel naar buiten gaan ook zou vermoeilijken. En ten derde was het nog vroeg en lagen we nog te slapen toen het begon, wat het nog wat onwerkelijker maakte. Ik probeerde naar de deur te lopen, om voor de zekerheid alvast te kijken waar de noodtrappen waren, en het was net alsof je over het dek van een schip liep.

Verder was er gisterochtend nog een bevinkje, maar in vergelijking met de twee ervoor viel deze behoorlijk mee. Ik hoop wel dat het hiermee weer even klaar is!

Nou, dat was het even voor deel 1. Het verhaal over de fietstocht volgt spoedig... :)